Rechten discrimineert niet voor intelligentie

Back terug naar alle artikelen

selectie-assessment-rechten-advocatuur

Advocatenkantoren willen intelligente én gedreven advocaat-stagiaires recruteren. In de voorselectie worden net als door andere beroepsgroepen cijferlijsten gebruikt om het kaf van het koren te scheiden. In eerste gesprekken bij het kantoor krijgt men een goede een indruk van gedrevenheid. De besten gaan door. De sollicitant die vervolgens een assessment krijgt, heeft dus én goede studiepunten én is gedreven. Groot is vervolgens de verbazing als blijkt dat deze kandidaat, ondanks goede cijfers, zwak scoort op capaciteitentesten. Binnen menig kantoor slaat dan de twijfel toe.

De clou is dat de studie rechten veel minder dan andere studies discrimineert voor intelligentie. Je kunt m.a.w. de studie goed voltooien zonder al te slim te zijn (en wat we al wisten, je kunt evengoed heel erg intelligent zijn en lage cijfers halen). Ergo, met een fanatieke inzet en doorzettingsvermogen is het aannemelijk dat er een mooie cijferlijst ontstaat. Ziedaar de kandidaten die met een tien voor gedrevenheid, door de kantoren hoopvol naar een assessment worden gestuurd.

Laat duidelijk zijn, met de gedrevenheid is niks mis en bij menig kantoor is het een eis om door te kunnen groeien. In de uitoefening van het beroep zijn echter ook verbaalanalytisch vermogen en conceptueel vermogen en voor bepaalde rechtsgebieden ook numeriek inzicht, relevant. Als je snel teksten en cijfermatige overzichten kunt doorgronden en vlot verbanden legt dan is de kans dat je effectief en efficiënt kunt werken als advocaat aanmerkelijk groter. Goede testen stellen dit vermogen zonder omwegen vast. Uiteraard is intelligentie maar één ding en moet ook gekeken worden naar kwaliteiten op het vlak van commercie, proces en advies.

Ons idee: ga niet te rigide om met cijferlijsten en kijk via scherpe gesprekken en een grondig assessment, op een brede manier naar geschiktheid en potentieel.

Back terug naar top van pagina